Nieuws

Sorghum en mais hebben vergelijkbaar effect op aaltjes

Gepubliceerd op
4 februari 2022

In de Publiek-Private Samenwerking 'Sorghum als derde gewas op een melkveebedrijf'' worden de voor- en nadelen van sorghum als voedergewas onderzocht. Het effect op aaltjes in de gewasrotatie met mais of andere gewassen in hier een onderdeel van.

Aaltjes of nematoden zijn kleine ronde wormen die vooral in de bovenste laag van bodems leven. De meeste aaltjes zijn niet groter dan een 1 mm en met het blote oog nauwelijks zichtbaar. Aaltjes zijn met name bekend van de schade die ze veroorzaken aan gewassen. Minder bekend is dat aaltjes een belangrijke rol spelen in het bodemvoedselweb en een grote bijdrage leveren aan de bodembiodiversiteit. Naast herbivore (plantetende) aaltjes zijn er ook aaltjes die bacteriën en schimmels eten, zogenaamde bacterivore en fungivore aaltjes. Hierdoor worden deze gestimuleerd om zich te vernieuwen en wordt ook het evenwicht tussen bacteriën en schimmels gereguleerd. Daarnaast komt er bij het eten en gegeten worden in het bodemvoedselweb ook mest (stikstofmineralisatie) vrij wat beschikbaar is voor plantengroei.

Belangrijkste conclusies  

  • Sorghum en mais hebben een vergelijkbaar effect op de aaltjespopulatie.
  • Van de aangetroffen herbivore aaltjes wordt niet direct verwacht dat ze problemen geven voor de groei en opbrengst van sorghum en mais. Onduidelijk is de rol van Trichodoridae. Hiervan is bekend dat ze bij mais problemen kunnen geven; voor sorghum is dit onbekend.
  • Aangezien zowel mais als sorghum waardplant zijn voor aaltjes, moet hiermee rekening worden gehouden als ze in rotatie met andere gewassen worden geteeld.

Lees het volledige artikel 'Aaltjes in sorghum en mais vergeleken', V-focus, januari 2022

Projectinformatie

Het teelt- en voederonderzoek is onderdeel van de Publiek Private Samenwerking Sorghum (PPS 2019-2022), gefinancierd door ZuivelNL en het Ministerie van LNV, waarin de perspectieven van sorghum verkend worden en onderzoek wordt gedaan naar de teelt en voedingsaspecten voor melkvee. Overige betrokken bedrijven zijn LTO-Nederland, DSV zaden Nederland BV, Maatschap de Milliano-Meijer en CZAV. Het onderzoek wordt uitgevoerd door de kennisinstellingen Louis Bolk Instituut en Wageningen Livestock Research.