Kurzrasen en stripgrazen – Jaar 2_ Amazing Grazing

Nieuws

Twee jaar resultaat van beweidingsproef met kurzrasen en stripgrazen

Gepubliceerd op
30 januari 2018

Op KTC Zegveld is in 2017 voor het tweede jaar een vergelijking gemaakt tussen stripgrazen en kurzrasen bij een hoge veebezetting van 7,5 GVE per hectare. Dit vond plaats binnen de projecten Amazing Grazing en Proeftuin Veenweiden. Net zoals in 2016 was de melkproductie per hectare gelijk voor beide systemen, maar op systeemniveau was de productie bij kurzrasen in 2017 iets lager.

Systeemproef

Het doel van de beweidingsproef op KTC Zegveld was om te toetsen of er goed beweid kan worden (voldoende vers grasopname) bij een hoge veebezetting bij stripgrazen en kurzrasen. Bij stripgrazen krijgen de koeien dagelijks een nieuwe strook gras aangeboden. Bij kurzrasen weiden de koeien steeds op hetzelfde perceel bij een grashoogte tussen te 3 en 5 cm. De beweidingsproef bestond uit vier groepen van 15 koeien (9 HF en 6 Jersey) die elk 2 hectare ter beschikking hadden met een krachtvoergift van gemiddeld 6,7 kg per koe per dag. De koeien werden beperkt beweid (alleen ’s nachts buiten). Maaien stond bij stripgrazen ten dienste van de beweiding.

Melk- en grasproductie

Gedurende de weideperiode in 2017 van eind maart tot begin oktober was de meetmelkproductie gemiddeld 22,6 kg per koe per dag en was er, net als in 2016, geen verschil in melkproductie tussen kurzrasen en stripgrazen (zie tabel 1). De kuilgrasopname was in 2017 gemiddeld 2,5 kilogram droge stof per koe per dag, flink lager dan in 2016, wat toegeschreven kan worden aan de hogere grasproductie in 2017. Echter, waar in 2016 de lagere grasproductie en dus lagere kuilvoerwinning bij kurzrasen ten opzichte van stripgrazen (838 vs 1602 kg ds voederwinning / ha) ruimschoots werd gecompenseerd door een lagere kuilgrasopname (4895 vs 5852 kg ds/ha), was dit in 2017 niet het geval. Op systeemniveau was de productie bij kurzrasen dus minder hoog dan bij stripgrazen.

Tabel 1. De meetmelkproductie, voeropname en voederwinning voor
kurzrasen (KR) en stripgrazen (SG) in 2016 en 2017

2016 2017
KR SG KR SG
Meetmelkproductie (kg/koe/dag) 22 22,3 22,4 22,9
Meetmelkproductie (kg/ha/weideperiode)* 29968 29923 32098 32800
Krachtvoeropname (kg/koe/dag) 6,7 6,7 7,0 7,0
Kuilgrasopname (kg ds/koe/dag) 3,7 4,3 2,4 2,6
Totale kuilgrasopname (kg ds/ha) 4895 5852 3512 3710
Voederwinning (gras voor graskuil) (kg ds/ha) 838 1602 0 1372
*Weideperiode 2016: 20/4 – 22/10; 2017: 27/3 – 5/10

Graskwaliteit

Doordat het gras bij kurzrasen niet de gelegenheid krijgt door te groeien, maar continu laag wordt gehouden, is de grasproductie lager ten opzichte van stripgrazen. Dit wordt gedeeltelijk gecompenseerd door een hoge benutting bij kurzrasen (bij goed management zijn er nauwelijks bossen) en de hogere voederwaarde van het opgenomen gras (zie figuur 1). Gemiddeld over het groeiseizoen was het ruw eiwitgehalte 254 g/kg voor kurzrasen en 231 g/kg voor stripgrazen. Het verschil in VEM was kleiner met 1022 g/kg voor kurzrasen en 1011 g/kg voor stripgrazen.

Figuur 1. Verloop van het ruw eiwit gehalte en het VEM gehalte in weidegras bij kurzrasen (KR) en stripgrazen (SG) gedurende het weideseizoen in 2017
Figuur 1. Verloop van het ruw eiwit gehalte en het VEM gehalte in weidegras bij kurzrasen (KR) en stripgrazen (SG) gedurende het weideseizoen in 2017

Weersomstandigheden

In 2017 waren de weersomstandigheden heel anders dan in 2016 en dat had grote gevolgen voor de uitvoering van de systemen. In 2017 konden de kurzrasen koeien al op 27 maart naar buiten en bij stripgrazen op 5 april en hiermee was de start van het weideseizoen 2-3 weken vroeger dan in 2016. Daarentegen was het najaar veel natter en zijn de koeien in 2017 al op 5 oktober opgestald. Dit is ruim twee weken vroeger dan in 2016 waar de draagkracht tot het einde van het seizoen goed was, maar er een grastekort ontstond.

Over het algemeen waren de grasproductieomstandigheden in 2017 beter dan in 2016. In 2016 leverde de grotere draagkracht bij kurzrasen een duidelijk hogere benutting van weidegras op, met name tijdens de extreem natte periode in juni.

Uitvoering

Dit onderzoek op Zegveld is uitgevoerd door KTC Zegveld, Louis Bolk Instituut en Wageningen Livestock Research in het kader van
de projecten Amazing Grazing (bouwsteen bodem) en de PPS ruwvoerproductie en bodemmanagement.